PFAS komt via water, de bodem en lucht in de voedselketen. Nieuwe kabinetsmaatregelen en RIVM-onderzoek onderstrepen voor FNLI en haar leden de noodzaak van een Europese aanpak die productie en uitstoot bij de bron terugdringt.

Het kabinet heeft op 28 september nieuwe maatregelen aangekondigd om de uitstoot van PFAS en de hoeveelheid PFAS waaraan mensen worden blootgesteld verder terug te dringen. Nieuw onderzoek van het RIVM laat zien dat de hoeveelheid PFAS in het bloed van volwassenen is afgenomen, maar bij veel mensen nog boven de gezondheidskundige grenswaarde ligt. Voor FNLI en haar leden onderstrepen deze ontwikkelingen het belang van een samenhangende Europese aanpak die PFAS risicogericht en zoveel mogelijk bij de bron terugdringt.
 

Standpunt FNLI inzake PFAS

FNLI en haar leden hebben kennisgenomen van de brief van de minister en staatssecretaris van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en van de staatssecretaris van het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur van 28 september jl. Daarmee geeft het kabinet inzicht in de maatregelen die het neemt rond PFAS. Het kabinet kiest voor een aanpak via vier hoofdsporen: Europese restricties, inzet op alternatieven door innovatie, minimalisatie van emissies en blootstelling.

FNLI en de aangesloten branches en bedrijven ondersteunen een samenhangende Europese aanpak die PFAS-emissies, risicogericht en bij de bron terugdringt. De aankondiging dat de Nederlandse overheid een zichtbare en brede internationale rol wil nemen en een gezamenlijke aanpak kiest, juicht FNLI toe. Maatregelen moeten op Europees niveau proportioneel en uitvoerbaar zijn, met oog voor voedselveiligheid, productiezekerheid en de beschikbaarheid van veilige alternatieven. FNLI roept samen met haar leden het kabinet op om zo snel mogelijk duidelijkheid te geven over de uitkomsten van het in het coalitieakkoord aangekondigde onderzoek naar de mogelijkheden voor een lozingsverbod op korte termijn.
 
FNLI en de aangesloten branches en bedrijven ondersteunen een samenhangende Europese aanpak die PFAS-emissies, risicogericht en bij de bron terugdringt. De aankondiging dat de Nederlandse overheid een zichtbare en brede internationale rol wil nemen en een gezamenlijke aanpak kiest, juicht FNLI toe. Maatregelen moeten op Europees niveau proportioneel en uitvoerbaar zijn, met oog voor voedselveiligheid, productiezekerheid en de beschikbaarheid van veilige alternatieven. FNLI roept samen met haar leden het kabinet op om zo snel mogelijk duidelijkheid te geven over de uitkomsten van het in het coalitieakkoord aangekondigde onderzoek naar de mogelijkheden voor een lozingsverbod op korte termijn.

FNLI en haar leden nemen de zorgen over PFAS zeer serieus. De aanwezigheid van Poly- en perfluoralkylstoffen (PFAS) in voedingsmiddelen en kraanwater is in belangrijke mate een gevolg van de wijdverspreide aanwezigheid van deze stoffen in water, de bodem en lucht. De precieze risico’s zijn afhankelijk van de soort PFAS en de mate van blootstelling. Eenmaal in het milieu blijven ze daar aanwezig en kunnen ze terechtkomen in voeding en drinkwater (bron: RIVM). Mensen kunnen via voedingsmiddelen kleine hoeveelheden PFAS binnenkrijgen, maar voedingsmiddelen zijn niet de bron van de PFAS-verontreiniging in de voedselketen. Net als consumenten wordt de voedingsmiddelensector geconfronteerd met PFAS-verontreiniging die in het milieu en eerder in de keten ontstaat. De sector kan dit probleem niet zelfstandig oplossen. Centrale regie en heldere, uniforme regels zijn noodzakelijk om de productie en uitstoot van PFAS bij de bron effectief en risicogericht terug te kunnen dringen.
 

Uit nieuw onderzoek van het RIVM blijkt dat bijna alle volwassenen in Nederland minstens twee soorten PFAS in hun bloed hebben. Bij 71 procent lag de hoeveelheid boven de gezondheidskundige grenswaarde. Zowel dit percentage als de gemeten hoeveelheden zijn lager dan in het onderzoek met bloed uit 2016 en 2017. Deze daling is ook zichtbaar in andere West-Europese onderzoeken. Volgens het RIVM hebben beperkende maatregelen, waaronder Europese verboden, hier waarschijnlijk aan bijgedragen. Het instituut pleit evenals de voedingsmiddelensector voor een brede Europese aanpak.

download standpunt